Over zwaluwen en zomers

Van alle diersoorten die ik ken vind ik vogels misschien wel de mooiste. En van de vogelsoorten die ik ken is zeker één van mijn favorieten de zwaluw.

Wanneer ze blij kwetterend, zoals het mij boven mijn hoofd in de oren klinkt, kris kras door elkaar vliegen moet ik altijd denken aan het spreekwoord ‘één zwaluw maakt nog geen zomer’. Vanochtend, terwijl ik op de steiger zat te genieten van een kopje koffie, waren het er zeker 15.

‘Ik denk altijd dat ze spelen, wanneer ik ze zo zie en hoor. Tikkertje of wie het hardst en het hoogst kan vliegen,’ zeg ik tegen mijn lief die naast mij is komen zitten. Terwijl ik, in de lucht kijkend, blijf genieten zegt hij: ‘Hier staat dat bij mooi weer de insecten hoog vliegen en bij slecht weer laag,’ wanneer ik opzij kijk zie ik dat hij het heeft gegoogeld en hij vervolgt: ‘ze eten de insecten uit de lucht…dat is wat ze volgens mij doen,’ Het is vandaag een soort tussenweer en dat verklaart waarom ze zowel hoog als laag vliegen maar altijd, zo lijkt het, op hun hardst en misschien is het spel wel, wie er het meest uit de lucht kan happen. ‘Kijk,’ zegt mijn man, ‘daar hebben er twee hun oog op hetzelfde insectje,’ Twee zwaluwtjes zijn een moment dicht bij elkaar en gaan dan weer razendsnel ieder een andere kant op.

In de zomerbijlage van een krant las ik onlangs de vraag: ‘Welke zomer is jou het meest bijgebleven en waarom?’ Ik denk onmiddellijk aan de zomer dat ik mijn vakantiebaantje begon. Het was 1975, ik was 16 jaar oud en verdiende met mijn kassabaantje 3 gulden en 39 cent per uur. Ik was voor het eerst dagelijks van huis en de mij vertrouwde school, en alles was voor mij nieuw: het leren kassadraaien, maar ook het omgaan met mensen van allerlei leeftijden, collega’s en klanten. Het samen lunchen in de kantine waar de lunch door de kantinejuffrouw werd klaargemaakt. Het werken van kwart over 8 tot kwart over 6. Deze zomer staat in mijn geheugen gegrift.

Maar de zomer die de meeste indruk op mij maakte, was die zeven jaar later. Net 23 jaar geworden ontmoette ik bij een bevriende collega een jongeman met twinkelende ogen. Hij zat in een stoel zachtjes gitaar te spelen en kwam direct naar mij toe, toen ik de kamer binnenkwam. Ik weet nog steeds niet hoe, maar ik wist vanaf dat moment dat mijn leven voor altijd was veranderd.

Het was niet de eerste keer dat ik verliefd werd, dat was in die zomer van 1975, maar het was wel een verliefdheid die steeds terug blijft komen. Wij houden van de zomer en wij houden van elkaar en yes…het is weer zomer.

Ouder worden

Ik werd al jong attent gemaakt op het belang van verzorgingsproducten. Ik las erover in boeken en toen ik als jonge twintiger trouwde in een familie die daadwerkelijk zulke producten gebruikte, maakte ik daar ook al snel een gewoonte van.

Nu ik ouder ben geworden krijg ik, vaak van de Vriendenloterij, verzorgingsproducten die nog net ‘iets verder gaan’. Zo heb ik een zachte scrub voor mijn gezichtshuid gekregen in combinatie met een heerlijke crème en een klein tubetje voor de kwetsbare huid rond mijn ogen. En een poos later kreeg ik een scrub voor mijn handen met een zachte handcrème die ik ‘aan de handen moet laten smelten’. Ik doe dat één keer per week en dat is altijd een heerlijk moment om even helemaal niks te doen met mijn handen omhoog gestoken, voor het smelten van de crème. De oogcrème koop ik inmiddels zelf en ook de handscrub en -crème houd ik erin.

Ik heb vroeger helemaal niet gesport. Mijn lijf leek er niet voor gemaakt en ik had er ook geen plezier in. Ik heb wel zo’n 20 jaar regelmatig hard gelopen. Ongeveer van mijn 40ste tot mijn 60ste. Ik heb 4 Mijl’s gelopen en twee keer een Urbain Trail. Dat was leuk en goed voor mij, maar daar ben ik nu wel klaar mee.

Op een dag kreeg ik van een oudere zus een foto waarop ze op haar rug lag met haar onderlijf en benen recht omhoog: ‘Kijk,’ schreef ze, ‘dit kan ik nog,’. En mij lukte het niet. Dat was voor mij het sein om te gaan oefenen, en mijn man zei: ‘Neem er wat buikspieroefeningen bij,’ en dat vond ik een goed plan.

Ik gedij bij gewoontes en al gauw deed ik het om de andere dag. Ik begon met de oefeningen 10/10/10 bewegingen per oefening te doen, en toen dat lukte 15/15 en daarna 30 achter elkaar.

Ik breidde ook het aantal oefeningen uit naar 7 en doe sommige oefeningen 60 bewegingen per oefening. En dat voelt goed. Ik ben geen grammetje afgevallen en ik heb ook in centimeters niet afgenomen. Maar ik voel me wel sterker. En dat voelt heel goed…voor mijn ouder wordende zelf.

Power of the heart

In een Airbnb waar we voor een paar dagen verblijven vind ik een boek met de titel ‘Een ongewoon gesprek met GOD’. Het boek is ‘opgetekend’ door Neale Donald Walsch. Net als wij allemaal had hij veel vragen over ons, mensen, en hoe wij op deze aarde leven. Hij besloot ze op een dag op te schrijven en kreeg na verloop van tijd de antwoorden in zijn hoofd. Hij kon het eerst niet geloven en besloot uiteindelijk toch ook die antwoorden te noteren.

Ik ken de nu 80 jarige Amerikaanse auteur uit het boek ‘Power of the Heart’ van Baptist de Pape. Hij is één van de iconen, waaronder ook Eckhart Tolle, Deepak Chopra en Maya Angelou, die voor dit boek en de gelijknamige film zijn geïnterviewd.

Ik heb het boek tot op de helft ongeveer kunnen lezen en ik heb veel begrepen van de antwoorden die Neale Donald Walsch kreeg op zijn vragen. Ik zeg altijd dat ik veel geluk heb gehad in mijn leven, maar het is ook zo dat ik veel heb gekregen van wat ik heb gevraagd. Mijn grootste wens was vroeger ‘gewoon’ een gezin krijgen met een man die van mij houdt en kinderen die we samen zo goed mogelijk zouden grootbrengen, zoals mijn en zijn ouders hebben gedaan. Ik heb dat gekregen.

Maar ook andere, praktische wensen zoals een huis, ons kleine plekje aan het meer of een baan waarvan ik dacht dat die heel geschikt was. En ik weet dat, wanneer ik of wij iets niet krijgen het niet goed voor ons is.

In het boek las ik onder andere dat we met elkaar de armoede uit de wereld kunnen krijgen en de oorlogen kunnen stoppen, maar daar moeten we dan voor kiezen. Ik ben ervan overtuigd dat er genoeg geld in de wereld omgaat om iedereen op de aarde te voeden en een goed leven te geven, maar de waarheid is dat er mensen puissant rijk zijn en dat er anderen zijn die weinig tot niets hebben.

En de oorlogen kunnen gestopt worden als we er met elkaar voor kiezen…maar het is helaas geld en belangen die geld opleveren, wat dat tegenhoudt.

Aan het einde van een hoofdstuk lees ik: Je bent goedheid, genade, medeleven en begrip. Je bent vrede, vreugde en licht. Je bent vergiffenis en geduld, kracht en moed, een hulp in tijden van nood, een trooster in tijden van verdriet, een genezer in tijden van verwonding, een leraar in tijden van verwarring. Je bent de diepste wijsheid en de hoogste waarheid, de grootste vrede en de edelste liefde. Je bent al deze dingen. En gedurende bepaalde momenten in je leven heb je jezelf als deze dingen gekend. Kies er nu voor jezelf altijd als deze dingen te kennen.

Ik probeer het.

Kan het besmettelijk zijn?

Lang geleden gingen vrienden van ons scheiden. Voor ons kwam het totaal onverwacht. We dachten deze mensen goed te kennen, ze waren al lang bij elkaar en hadden nog jonge kinderen. Kort daarop hoorden we van een ander stel, ook getrouwd, lang bij elkaar en met jonge kinderen, die ook gingen scheiden. De dames waren goede vriendinnen van elkaar en ik dacht daar verder niets van.

In de loop van de tijd heb ik veel gelezen over relaties, huwelijken en scheidingen en ik las meerdere verhalen over mensen die begonnen te twijfelen over hun eigen relatie wanneer iemand in hun omgeving ging scheiden. Soms bleef het huwelijk of de relatie goed en soms kwam er ook een einde aan.

Mensen gaan scheiden van hun man of hun vrouw…dat is wat ze denken. Wat ze zich vaak niet realiseren is dat ze ook hun gezin opbreken. Ze staan er vaak niet bij stil dat, met de scheiding, een oorspronkelijk gezin, hun oorspronkelijke gezin wordt opgebroken. En wat daarvan de gevolgen zijn.

Ik kan me goed voorstellen dat je met iemand kunt zijn en dan verliefd kunt worden op een ander. Ik heb het meegemaakt en had het geluk dat we nog echt jong waren, net 23, en geen kinderen hadden.

Wanneer je kinderen hebt beslis je ook voor hen en dat kan nog steeds betekenen dat je beter wel dan niet kunt scheiden. De overweging moet dan wel veel verder gaan dan alleen jouw verliefde hart. Meer persoonlijke vrijheid, wat een gevolg kan zijn van een scheiding, lijkt aantrekkelijk wanneer je je midden in de drukte bevindt van de dynamiek van een jong gezin, maar er is ook een andere kant…

Er is een gezegde: Het gras is altijd groener aan de overkant. Als je ooit bedenkt je aan dat groenere gras over te willen geven, bedenk dan alle gevolgen ervan. Voor jezelf en voor je gezin.

Best interessant

Hij zit op zijn hurken voor onze opbergruimte onder het schuine dak. Ik had één van de deuren opzijgeschoven en hij ziet een tot nu toe, voor hem, onontdekte ruimte. Hij pakt het krukje en gaat er even goed voor zitten.

‘Heb je dit gekocht, oma? Wat is het en wat doe je ermee?’ Hij heeft het huisje gevonden dat we met kerstmis neerzetten met een sfeerlichtje erin: ‘er staat op Postcode Loterij,’ ‘Ja,’ zeg ik, ‘daar hebben we het van gekregen,’

‘En dit dan oma, is dit voor in de auto?’ Als ik opkijk zit hij met één van de twee ‘kragen’ om de nek die we kochten voor een lange vliegreis. ‘Nee, dat is voor in het vliegtuig,’. Hij heeft hem dichtgeknoopt en het is voor het eerst dat ik zie dat dat kan. Hij blijft er rustig mee om zijn nek zitten. ‘Jullie hebben best veel spullen,’ zegt hij. En dat klopt.

‘Gaan jullie wel eens op reis?’ ‘Ja,’ antwoordt opa, ‘we gaan wel eens op reis.’ ‘En nemen jullie dan koffers mee?’ ‘Ja,’ dan nemen we koffers mee,’. ‘Naar Australië?’ We waren in Australië op vakantie toen hij anderhalf jaar geleden zes werd en zo jong als hij was, was hij ‘not amused’. Hij heeft het onthouden en hem kennende zal hij het ook niet vergeten. ‘Ja, ook naar Australië hebben we koffers meegenomen,’.

Hij vindt nog een lege multomap en dat vindt hij heel grappig. Er staat één woord over de hele binnenkant gedrukt. ‘Supert…t…,’ ‘…trash,’ helpt opa, ‘er staat Supertrash,’. De map ligt daar te wachten tot mijn laatste map, waarin ik mijn dagboeken schrijf en artikelen bewaar, vol is.

Dan spot hij in het donker iets wat hij pas echt interessant vindt. Hij ontwaart wat hij noemt een nep-ei en hij vraagt: ‘Hoe kom je bij die spullen, oma?’ ‘Dan moet je de voorste eruit halen,’ zeg ik. Maar hij bedoelt die verderop in de kast waar hij helemaal niet bij kan. ‘Oh, ‘ zeg ik, ‘dan moet je dat deurtje even opzijschuiven,’. Hij schuift en zegt: ‘Bedankt voor de tip oma,’ waarna zijn volle aandacht gaat naar het Dino-ei dat zomaar achter het deurtje ligt dat je ook nog gewoon kunt open schuiven.

Appels met peren vergelijken

Mijn man stuurt mij een artikel van fd.nl met de kop ‘Voor Albert Heijn zijn we allemaal potentiële dieven’. Ik schreef hier eerder een blog over met de titel ‘Stelen omdat het kan’.

Net als de schrijver van het stuk word ik regelmatig gecontroleerd op het scannen van al mijn boodschappen. Ik vat dat niet persoonlijk op. Niet de medewerkers bepalen wie gecontroleerd wordt, zij krijgen slechts het seintje om het te doen. Ik vermoed dat het een algoritme is dat die seintjes geeft omdat ik soms word gecontroleerd terwijl ik slechts twee boodschapjes heb. De medewerker denkt dan misschien, net als ik: ‘Wat is er te controleren aan twee boodschapjes,’ Maar hij, zij of hen doen slechts het opgedragen werk.

Waar de schrijver van het stuk zich  naar mijn mening terecht aan ergert, is dat de medewerker niet uit zichzelf de tas weer netjes inpakt en dat hij het met tegenzin lijkt te doen wanneer hij erom vraagt. Wat ik niet terecht vind is de kop van het stuk. Ik schreef mijn blog naar aanleiding van een artikel in Volkskrant magazine waarin verschillende zogenoemde ‘potentiële’ dieven daadwerkelijk stelen, en met regelmaat. Wanneer dit niet zou gebeuren zou Albert Heijn (en andere supermarkten) niet hoeven te controleren en zouden het bedrijf en de medewerkers daar geen nadeel van hebben.

Ik zou ook graag willen dat het mogelijk was terug te gaan naar de situatie dat er gewoon medewerkers achter een kassa zaten. Ik kan niet bepalen of dat wel of niet kan maar ik zou het wel willen. Ik begrijp ook dat het wringt dat wij als klanten zelf onze boodschappen afrekenen en dan gecontroleerd moeten worden en de prijzen ook nog eens omhoog gaan. Maar dat heeft ook met die daadwerkelijk stelende klanten te maken.

Verderop in het stuk zegt de auteur dat grote banken als ABN-AMRO, ING en de RABO bank met elkaar hebben afgesproken om de rente voor spaartegoeden even laag te houden zodat daar geen concurrentie uit voortkomt. Dat vind ik een misstand van een heel andere orde. Zij onthouden ons allemaal, die het geld bij hen hebben ondergebracht, rente die wij zouden krijgen als het percentage hoger zou zijn.

Dat vind ik dan appels met peren vergelijken.

Kintsugi

De Japanse kunst van het repareren van gebroken keramiek met goud- of zilverkleurige lak heet Kintsugi en ze noemen het ook wel Kintsukuroi wat ‘gouden reparatie’ betekent. In de Japanse schoonheidsleer dragen de sporen van breuk en herstel bij aan de schoonheid van een voorwerp. Wanneer je het googelt vind je een mooi blauw met bloemen handgemaakte schaal die brak in de bakoven en met deze techniek is gerepareerd.

Ooit las ik hierover in een Flow en ik denk dat in dat artikel ook melding werd gemaakt van een zin uit een lied van Leonard Cohen: There is a crack in everything, that’s how the light gets in. Ik verbind deze twee gegevens tenminste altijd aan elkaar. Zonlicht en goud passen ook goed bij elkaar.

Ik bak en repareer geen keramiek, maar wel eens kleding en zeker wanneer het een stuk betreft dat ik echt graag draag. Daarvoor heb ik, ook alweer lang geleden, een klosje goudkleurig draad gekocht.

Het eerste dat ik ermee ‘repareerde’ is een wit spijkerjasje waarin ik een (niet de eerste en ook niet de laatste) chocoladevlekje had gemaakt. Hij ging er niet uit in de was en ik maakte er met gouddraad een zonnetje van. Met een van mijn lievelingsjurken (nu helaas al lang vergaan) bleef ik achter een spijkertje hangen. Ik naaide de zoom aan elkaar en het overgebleven gaatje bewerkte ik met het gouddraad.

Onlangs droeg ik, naar een trouwfeestje, mijn mooie, lange bloemenjurk. Ik kocht het ooit ergens op vakantie, gewoon bij de H&M. Ik vond er bij een tweedehandswinkel een roze, in de taille vallend, dun truitje bij en (ook tweedehands) mooie, crèmekleurige sneakers.

Dansend op het feestje gleed mijn vinger ineens in een opening in de rok. De heel dunne stof was een beetje gescheurd. Thuis pakte ik mijn gouddraad en naaide, met een heel dunne naald en kleine steekjes, de scheur voorzichtig dicht. Ik ga nog lang van deze jurk genieten, net als van alle kleding die ik graag draag. En zie je mij ooit lopen in kleding met een dun geel streepje hier of daar, dan weet je dat ik het zelf heb gerepareerd…zo goed als ik kan.

Geloven of weten

Eben Alexander, Charlotte Rorth, de familie van Colton Burpo, de familie Beam en Akiane Kramarik. Deze mensen hebben met elkaar gemeen dat zijzelf, of één van de leden van het gezin, in de Hemel is geweest en in het geval van Charlotte Rorth en Akiane Kramarik, Jezus hebben ontmoet in een visioen.

Deze mensen spreken niet langer van ‘geloven’ in God en de Hemel, maar van ‘weten’. Daarom heeft Eben Alexander zijn boek ‘Proof of Heaven’ genoemd en de vader van Colton Burpo  ‘Heaven is for real’. Het boek van Charlotte Rorth heet ‘De dag dat ik Jezus ontmoette’ en heeft als ondertitel ‘Bekentenissen van een moderne ongelovige’.

In ons gezin ben ik gelovig grootgebracht. Mijn vader was katholiek gedoopt en mijn moeder hervormd. Omdat mijn vader in de verschillende geloven ongerechtigheden zag, keerde hij zich af van elke kerk en liet zijn kinderen ongedoopt. Mijn ouders gaven ons het geloof mee in onze opvoeding en wij bezochten een christelijke lagere school. Dat niet al onze twaalf kinderen in het gezin het geloof hebben behouden vind ik verdrietig, maar begrijp ik wel goed.

Ik kwam als negende kind van mijn  ouders ter wereld en dat is niet vanzelfsprekend als je bedenkt dat zowel mijn vader, als mijn moeder op jonge leeftijd levensbedreigend ziek zijn geweest. Mijn vader genas als één van de heel weinige mannen om hem heen van zwartwaterkoorts en mijn moeder genas van een hersenvliesontsteking na een paar dagen coma en blindheid. Zij was toen 26 jaar jong en moeder van vier kinderen. Ze vertelde mij een keer dat ze, tijdens die coma, door een tunnel werd getrokken naar een schitterend licht, maar halverwege een stem hoorde zeggen dat ze terug moest gaan en dat is, gelukkig, gebeurd.

Het boek van Eben Alexander heb ik meerdere keren gelezen, net als het boek van Charlotte Rorth. De film over de bijzondere belevenissen van Colton heb ik twee keer gezien. Ik vind het mooi na zo’n film foto’s en/of filmpjes te zien van de ‘echte’ mensen die dit is overkomen.

Ik heb ook meerdere boeken gelezen met Engelenverhalen. In deze moeilijke maatschappij troost en helpt mij enorm het idee dat ik hulp krijg wanneer ik erom bid. Ik hoop nog heel lang hier op aarde te mogen blijven, maar als ik moet komen zal ik me verheugen in het weerzien met mijn ouders, broers, zusje en nichtje.

Een ‘gewoon’ huis op een ‘gewone’ plek

‘Waren jullie klaar met wonen in het centrum van de stad?’ Deze vraag werd ons een paar keer gesteld sinds we ons appartement ‘om de hoek van De Grote Markt’ verruilden voor een appartement in het zuiden van de stad.

We hebben twee keer 9 jaar aan de Sint Walburgstraat gewoond. Eerst in een groot appartement op nummer 10 (nu 4 studio’s) en na een afwezigheid van 14 maanden in het kleinere appartement op nummer 16. We keken uit op het mooie Anton Pieckachtige plein naast de ingang van het Martinikerkhof en toen we er in 2005 kwamen wonen hadden we negen parkeerplaatsen tot onze beschikking ‘voor de deur’. En bushaltes in de straat. Gaandeweg ‘verloren’ we het gebruik van zes van de negen parkeerplaatsen, waardoor een extra rondje rijden voor mij bij thuiskomst met de auto vaak voorkwam. De bushaltes verplaatsten naar het Zuiderdiep, de Oostersingel en de Bloemsingel. Nog steeds dicht bij huis.

Voor ons bezoek was het rijden in het centrum vaak wat spannend en het parkeren ervaarden zij wel eens als een probleem en dat begreep ik heel goed. Er werd vaak gebruik gemaakt van één van de parkeergarages of men zette de auto neer bij Kardinge en kwam met de bus naar ons toe. Vanuit elke hoek van de stad was er wel goed naar ons toe te fietsen, dat is dan weer het voordeel van een centrum.

Dus waren wij ‘klaar’ met wonen in het centrum van de stad? Nee, dat is niet de reden van onze verhuizing. Er kwam een huis voorbij waar we voor kozen en we gaan daar net zo prettig wonen als de afgelopen 19 jaar in, en heel even uit, het centrum van de stad. De indeling van ons nieuwe huis vind ik net iets beter dan van ons oude huis. Het uitzicht, dat we nu krijgen, is over een vijver met een mooie bomenrij. De uitvalswegen richting zuiden, oosten en westen van het land zijn op een paar honderd meter van ons nieuwe huis, en een mooi winkelcentrum en winkelstraat zijn weer op loopafstand.

Het was bijzonder om op zo’n mooi plekje als de Sint Walburgstraat te wonen, daar hebben we enorm van genoten en daarmee gaan we nu verder op weer een mooie plek in onze mooie stad.

Doe aangifte

Het eerste bericht kwam via sms, zogenaamd van de belasting. Ik moest onmiddellijk €168,= overmaken, anders  zou de deurwaarder de volgende dag op de stoep staan. Ik weet nog hoe naar ik me daaronder voelde. Mijn familie zei: ‘Doe weg dat ding, het is natuurlijk fake,’ en dat dacht ik eigenlijk ook.

Een paar keer kreeg ik een mail over geld dat ik geërfd zou hebben, of dat ik in bewaring kon nemen om daar vervolgens een forse beloning voor te krijgen. Ik begreep inmiddels dat ik deze mails gewoon kon verwijderen omdat het pogingen waren tot internetfraude.

Toen kreeg ik een sms met de tekst: ‘Mam, ik heb een nieuw telefoonnummer, mijn telefoon is gevallen en heel mijn beeldscherm is stuk,’ Dit vond ik direct vreemd. Er stond geen naam bij en geen van mijn kinderen zou spreken van ‘heel mijn beeldscherm…’. Dit was weer een poging tot fraude. Ik weet nog dat ik toen in eerste instantie iets heb geantwoord en daarna mijn dochter belde.

Begin deze maand werd het ernst. Ik kreeg van een incassobureau een ‘vierde herinnering’ van een bestelling die ik gedaan zou hebben bij een website voor babyspullen. En een week later nog twee ‘vierde herinneringen’, weer van die babysite en een van een fietsensite.

Ik meldde dit eerst bij een fraudehelpdesk. Zij vroegen wat meer informatie om mij goed te kunnen verwijzen. Voordat ik dit kon doen kreeg ik drie ‘laatste betaalverzoeken voordat een incassobureau zou worden ingeschakeld’ van een bekende internetwinkel waar ik nog nooit iets heb besteld. Het totaalbedrag van deze zogenaamd door mij bestelde artikelen was opgelopen tot bijna €900,=.

Ik schakelde de politie in en zij raadden mij aan in ieder geval contact op te nemen met de betreffende bedrijven en ik kreeg een afspraak om aangifte te doen.

Ik heb mails gestuurd en van het bekende internetbedrijf alle medewerking gekregen om in ieder geval dat fake account te laten verwijderen. Ook het incassobureau heeft gereageerd, alleen vragen zij naar pakketten die ik nooit heb besteld, noch ontvangen. Maar een antwoord is mij nog toegezegd.

Echte schade heb ik nog niet geleden. Wel is bij mij onrust opgewekt waar ik niet op zit te wachten. Ik weet dat ik niet de enige ben en ik weet dat anderen wel daadwerkelijk financiële schade hebben geleden. Ik heb niet de illusie dat we dit nog kunnen laten stoppen maar ik hoop dat iedere aangifte ertoe zal bijdragen dat minder mensen erdoor worden getroffen. Dus doe aangifte als het je overkomt. Help anderen en misschien toch ook jezelf.