Stel je voor.

Je bent zwanger en via de verloskundige word je in de zesde maand van je zwangerschap, samen met je partner uitgenodigd voor een workshop bij de prille ouder coach. In een lichte kamer nemen jullie plaats aan een grote tafel met twee andere ouderparen. Er is een paar dat net als jullie hun eerste kind krijgt en er is een echtpaar van wie de man twee puberkinderen heeft. Het laatste paar dat binnenkomt zijn twee vriendinnen. Zij zijn geen stel maar de zwangere vrouw gaat haar kindje alleen opvoeden.
Ieder ouderpaar heeft een Prille ouder boekje voor zich liggen en samen met de coach beginnen jullie de inhoud te bespreken. Ieder paar vult vervolgens de eerste bladen met wie zij zijn en wat hen bezighoudt op dit moment. Het moment dat ze zwanger zijn van hun kindje. Voor het paar met de puberkinderen is er de mogelijkheid om ook hen een pagina over zichzelf te laten vullen, op een later moment.
Afwisselend praten we over de in te vullen onderwerpen in het boekje, hoe de ouders elkaar leerden kennen, hun toekomst als ouders, ‘the village’ die er nodig is ‘to raise a child’, wie is hun netwerk, wie zijn hun rolmodellen. Hoe organiseren ze werk en vrije tijd in relatie tot hun kind. Ze denken na en bespreken een ouderschapsplan. Tussendoor vullen ze samen het boekje in.

Zes weken na de geboorte van het kindje komt de prille ouder coach voor het eerst bij jullie thuis kijken en bespreken we samen hoe de afgelopen weken zijn gegaan. De bevalling is achter de rug en is toch heel anders gegaan dan je had verwacht. Een stel ouders heeft enorm geworsteld met ‘de huilbaby’ die het kindje bleek te zijn. Ze vonden het ook heel moeilijk om een ritme met de baby te krijgen, ze viel vaak tijdens het voeden in slaap en sliep dan bij mamma of pappa op schoot, totdat ze weer wakker werd, vaak na twee uur of minder, en dan legde mamma haar maar weer aan. Ze bleek veel last te hebben van krampjes en sliep daar dan weer niet van. Na zes weken werd ze nog elke twee uur minstens en vaak vaker gevoed.
Samen met de ouders probeert de prille ouder coach dan te achterhalen wat ze misschien anders kunnen doen. Ze vertelt ook dat het kindje wellicht meer rust nodig heeft. Dat het belangrijk is ‘de slaapsignalen’ te achterhalen omdat een baby’tje het gemakkelijkst in slaap valt wanneer het ‘haar tijd ervoor is’. Ook vertelt ze dat een baby’tje dat te moe is om te drinken maar wel blijft sabbelen daar veel lucht bij binnenkrijgt en daar misschien krampjes van kan krijgen. De prille ouder coach benadrukt nogmaals dat, wanneer ze coaching willen, de ouders daarnaast met alle vragen bij haar terecht kunnen via mail of what’s app.

Na zes maanden komt ze nog een keer langs om te kijken hoe het met het gezinnetje gaat. De puberkinderen van een van de paren hebben ook zowaar een blad over zichzelf ingevuld in het Prille ouder boekje. Aanvankelijk vonden ze het ‘stom’ maar naarmate het baby’tje ouder werd en ze het beter leerden kennen vonden ze het toch heel leuk om ook deel uit te maken van het Prille ouder boekje van hun vader, stiefmoeder en halfbroertje.
Het huilbaby’tje is een tevreden en bij tijden schaterende baby geworden. Wat daarbij heeft geholpen is het waak- en slaaprooster wat haar ouders samen met de prille ouder coach hebben gemaakt. Het heeft rust en regelmaat gebracht waar zowel ouders als baby behoefte aan hadden.

Tientallen jaren later zijn alle ouders nog bij elkaar. Ze hebben goed leren communiceren over en met hun kinderen en door de jaren heen zijn ze in staat geweest samen de problemen, die op ieders pad komen, het hoofd te bieden. Het Prille ouder boekje hebben ze nog wel eens samen doorgenomen. Ze hebben soms heerlijk gelachen om de antwoorden die ze toen gaven. En ze hebben tegelijk begrepen dat het hun een verbondenheid en inzichten heeft gegeven die ze hebben ondersteund bij de zware taak die opvoeden is.

De Prille ouder workshop is helemaal geïntegreerd in het proces van kinderen krijgen. Iedereen krijgt de workshop aangeboden als onderdeel van het traject dat ze bij een verloskundige of gynaecoloog volgen. Vervolgens bepaalt elk ouderpaar of ze ook de coaching nemen die op de workshop kan volgen.
Het aantal kinderen dat op heel jonge leeftijd hun gezin verliezen door een scheiding is drastisch afgenomen en dit heeft een gunstige uitwerking gehad op de hele maatschappij.
Stel je voor dat het ooit zover zou komen.
Hoe heerlijk, rustig, overzichtelijk en veilig zou dat zijn …

Advertenties

Jij beslist.

Ik volg het nieuws … een beetje. Mijn dag begint meestal met een half uurtje televisie. Ik zie het korte nieuwsbericht dat steevast wordt gevolgd door ‘Goedemorgen Nederland’. Ik lees de zaterdagedities van het Dagblad van het Noorden en de Volkskrant waarbij ik echt de tijd neem voor de weekendbijlages waarin ik de mooie reportages lees. Verder kijk ik regelmatig DWDD en soms Jinek (hoewel die voor mij te laat op de avond is).
Een beetje nieuws krijg ik ook mee via het internet omdat mijn startpagina opent met nieuws. Wanneer ik mensen spreek die doorgaans veel meer ‘nieuws’ tot zich nemen krijg ik nooit het idee dat ze items benoemen waar ik helemaal niets van heb meegekregen. Voor mij is dit dus precies genoeg. Ik weet wat er speelt en hoef niet overal wat van te vinden.
Met mijn dochter bespreek ik soms dit soort zaken. Zij waarschuwt mij voor het feit dat ook ik beïnvloed wordt door de advertenties en reclames die zich aan ons allen opdringen. Ze spreekt over ‘de cookies’ die zij begrijpt en vertelt mij dat je er de beste keuzes uit moet maken. We komen erachter dat wanneer er keuzes zijn ik die ook kan maken zonder precies te weten hoe het werkt. Ik heb niets te verbergen en ben daarom ook niet bang dat me veel kan overkomen door ook cookies te moeten accepteren omdat ik anders van het goede van het internet geen gebruik kan maken. Ik heb, materieel gezien, niet veel en ik wil ook niet veel. Misschien is dat in deze kwestie wel een groot voordeel.
Ik ben een groot fan van Duolingo. De twee en nog wat uur die ik gemiddeld per dag op mijn ‘scherm zit’ komt mede door de 6 lesjes, twee bij twee die ik ’s morgens, ’s middags en voor het slapengaan Engels-Spaans doe. De advertenties die daarbij voorbijkomen ken ik bijna uit mijn hoofd en nog nooit heb ik de neiging gehad daar iets van te downloaden of te bestellen. Ik weet dat er altijd iemand betaalt als artikelen goedkoop worden aangeboden. Bovendien is dat heen en weer gereis van die artikelen enorm belastend voor de mensen die ermee moeten werken (ik heb ook een artikel gelezen over hoe het werkt bij Bol.com) en voor het milieu.
Hierover sprekend komen we erachter dat ook onze dochter niet erg vatbaar is voor het gevaar van ‘de invloed van social media’. Natuurlijk weet ik dat zij en haar gezin artikelen bestellen en versturen via de post, veel meer dan dat enkele boek dat in een winkel niet meer te verkrijgen is en dat ik via het internet bestel. Zij zijn mensen van deze tijd en leven en handelen overeenkomstig daarmee. Zij gaan daar bewust mee om met idee voor welke impact het heeft op hun leven en omgeving en hun plek op deze wereld. En dat heeft te maken met ons, de jeugd die ze bij ons hebben gehad. De besluiten die wij voor hen hebben genomen toen ze zelf nog te jong waren om te weten hoe ze dat moesten doen.
Ik las vanmorgen een verontrustend bericht over jongeren die slecht slapen omdat ze ’s avonds voor het slapen gaan nog uren met hun telefoon bezig zijn. Jaren geleden sprak ik al met mijn leerlingen over het feit dat ze ’s nachts uit hun slaap werden gehouden door alle berichtjes die (vaak met geluid) ze uit hun slaap halen omdat ze met de telefoon naast hun bed slapen. Ik spreek ook ouders die vertellen dat ze hun kind (soms heel jong) niet kunnen laten stoppen met filmpjes kijken op de telefoon omdat ‘ze anders gaan huilen’. Of ouders die hun kind vragen de telefoon ’s nachts in de woonkamer te laten en er laat op de avond achter komen dat zoon of dochter er toch op bezig is omdat ze er geen gehoor aan hebben gegeven. Deze kinderen zijn te jong om hier zelf over te beslissen en wanneer hun ouder dat nu niet voor hen doet zullen ze ook niet kunnen leren dat en hoe zij er uiteindelijk zelf over ‘kunnen’ beslissen, terwijl dat beter en gezonder voor ze is.
Het is goed om je er bewust van te zijn. Om te weten en te begrijpen dat dingen gebeuren omdat jij daarvoor kiest of het toestaat. Waar je voor kiest is altijd goed, mits je er geen last van hebt of nog erger, het een enorme belasting voor je is.
Wanneer je dus ergens last van hebt weet dan dat je er iets anders over kunt bedenken en dat uiteindelijk … jij beslist.

Je weet waar je aan begint …

Onze oudste kleinzoon was nog echt jong toen hij van ons zijn eerste legodoosje kreeg. Een klein doosje, misschien vijf euro of iets meer. Een zakje met blokjes en wat onderdelen en een boekje waaruit we samen stap voor stap een legodingetje bouwden. In mijn beleving was hij drie, niet ouder. Ik zocht de onderdeeltjes voor hem uit en hij drukte ze op en in elkaar. Het is inmiddels bijna acht jaar geleden dat hij drie was maar ik zie ons nog samen zitten, met dat zakje en dat boekje. Voor oma was het net zo nieuw als voor het kleine ventje.
Na dat eerste Legodoosje kwam er al gauw een tweede doosje en in het begin lieten we de bouwwerkjes staan op een boekenplank tot hij kwam en ermee speelde. Als hij iets mocht vragen was het altijd Lego. Voor zijn verjaardag, Sinterklaas, een rapport of een grote vakantie. De doosjes werden groter en de constructies ingewikkelder. De bouwwerkjes laten staan was op enig moment niet meer te doen en de boekjes die ik nog lang bewaarde raakten uiteindelijk kwijt.
Zo kwam er een plastic box waarin we alles bij elkaar bewaren. Finn begon zelf bouwsels te maken en wist dan precies welke stukjes hij wou hebben. Vroeger was Lego een kwestie van blokjes, nu is daar van alles bij gekomen. Draaiende onderdeeltjes, piepkleine gekleurde knopjes, stukjes met een vlakke bovenkant, ramen, deuren, Jan Rap en zijn maat. Vind daar maar eens het goede stukje in.
Kleinzoon twee had een idee: “Waarom doen we niet de grote stukjes in de grote box en de kleine stukjes in een kleine,” Wat een goed idee. We begonnen opgetogen. Groot bij groot, klein bij klein. We namen zelfs een nog kleinere box voor de piepkleine dingetjes. We kwamen best wel ver, ondanks de peuter die om ons heen rende en helemaal wild werd van ons gewoel door al die kleine onderdeeltjes. In een onbewaakt ogenblik wist hij een graai in de bak te doen en later moest ik zijn romper van onderen los maken om hem te bevrijden van het gekriebel op zijn buik.
Nu hebben we drie bakken vol onderdeeltjes, zo goed en zo kwaad als het kan onderverdeeld in grote stukjes, kleine stukjes en piepkleine stukjes. Het idee dat de jongens ooit de oorspronkelijke bouwwerken kunnen of zullen maken heb ik al lang laten varen. Na een eindeloos gegraai in dus nu drie bakken ontstaan onder mijn ogen de mooiste en meest wonderlijke bouwwerken waar de kleinzonen precies van weten hoe ze het hebben bedacht en hoe ze moeten functioneren. De bijbehorende geluiden komen nog steeds uit de jongens zelf en ze hebben er eindeloos plezier aan.
Wist ik dit allemaal toen ik als jonge, naïeve oma met die Lego begon? Nee, dat wist ik niet. Vaak vraag ik me af hoe andere mensen dat doen. Hebben die een (vitrine) kast met al die in elkaar geknutselde bouwwerken? Spelen die kinderen precies met de werkjes zoals zij ze gebouwd hebben? Hebben ze alle boekjes bewaard, hoe doen mensen dat?
Voor mij geldt wat voor zoveel dingen geldt: Lego, je weet wel waar je aan begint maar waar het eindigt …?

Communicatie. Hoe dan?

Je kunt dezelfde taal spreken … en toch ook weer niet. We weten het allemaal, woorden zijn maar een klein deel van de communicatie. Het grootste deel is de non-verbale communicatie, en wat is dat dan?
Het zijn de woorden die niet worden uitgesproken maar blijken uit ons gedrag. Door de onzekerheid die we hebben, de onmacht die ons overvalt wanneer we overzicht verliezen. De emotie die we niet beheersen, het verschil tussen wat wordt gezegd en wat wordt gehoord en begrepen. Communicatie is complex.
Als twee mensen een relatie beginnen is het niet vreemd dat hun communicatie mankementen vertoont. Beiden zijn uit verschillende families met verschillende manieren van communiceren voortgekomen. Bovendien zijn zij verschillende persoonlijkheden met ieder een eigen karakter dat zich heeft gevormd in een jeugd waar de ander geen deel aan heeft genomen.
Dus begin je te communiceren op je eigen niveau en manier en komt er gaandeweg achter dat je wel eens een verkeerde aanname doet of iets hoort wat je niet direct begrijpt. Dat geeft niet. Het zou bijzonder zijn als je direct ‘dezelfde taal sprak’. Het is wel belangrijk hoe je reageert op het moment dat je samen in een ‘spraakverwarring’ zit. Het is dan juist belangrijk dat je blijft communiceren. Vraag wat de ander bedoelt. Zeg dat je hem niet begrijpt. Je hoeft je niet te verontschuldigen, een open vraag stellen zonder lading is belangrijk.
Mensen zijn kwetsbare wezens. Ieder hebben we onze eigen kwetsbaarheid. Het kan komen uit onzekerheid, frustratie, angst. We hebben het allemaal meegenomen uit onze jeugd. Uit de opvoeding die we hebben genoten. En hoe goed deze opvoeding ook is bedacht en bedoeld, het heeft op ieder van ons zijn eigen, heel specifieke uitwerking. Het is afhankelijk van ons karakter en onze plaats in het gezin, van hoe we kijken naar onze ouders, grootouders en als ze er zijn onze broers en zusters.
We kunnen ervoor kiezen uit te gaan van het goede. Als je dat kunt hoef je geen negatieve gedachten te krijgen over wat je hoort en ziet. Je kunt dan ook alles vragen. Verkeerde vragen bestaan niet en verkeerde antwoorden ook niet. Je hebt alleen mogelijk wat meer communicatie nodig om zowel de vraag als het antwoord zo te interpreteren dat het voor beide ‘kanten’ bevredigend is. Probeer een zo open mogelijke blik en houding te hebben wanneer je communiceert, onafhankelijk van wie je gesprekspartner is. Moeilijke gesprekken zijn dan niet meer moeilijk omdat je er samen uitkomt.
Ik weet hoeveel rust dat geeft. Tenzij je mij keihard en opzettelijk zou kwetsen (en om maar met Nielson te spreken: Waarom zou je dat doen?) kun je bij mij helemaal niets fout doen. Hoe sta jij daar eigenlijk in?

Alle begin is moeilijk.

Iedereen heeft met zijn eigen gezinnetje een ‘modus’ waarin ze leven. Ieder gezinslid heeft zijn rol en gezamenlijk hebben zich normen, waarden en gewoontes ontwikkeld. Wat voor het ene gezin ‘normaal’ is kan voor een ander gezin totaal niet te vatten zijn. Het is daarom handig als je daar buiten je eigen gezin flexibel mee kunt omgaan.
Wanneer twee gezinnen samenkomen is het de uitdaging de modus te vinden voor dit nieuwe, samengestelde gezin. Hoe pak je dit aan?
Ieder gezinslid verdient en heeft het nodig om ‘gezien’ te worden. Het maakt niet uit of je een van de ouders bent van het gezin of een van de kinderen. Je hebt allemaal evenveel recht om er te zijn. Het maakt ook niet uit of je fulltime in het gezin woont of dat er nog een gezin is waardoor je een deel van de tijd niet in het gezin aanwezig bent. Het is belangrijk dat je elkaar erkent en accepteert en dat je begrijpt dat ‘de regels van het spel’ zijn veranderd.
De biologische ouders van de kinderen hebben hierin een grote rol. Zij bepalen voor hun eigen kinderen hoe zij gezamenlijk in het nieuwe huishouden het beste kunnen functioneren. Ten slotte kennen zij kun kinderen het best. Het prille ouderpaar (want dat ben je dan, hoe oud of jong je ook bent) zal samen de duidelijkheid geven voor wat de gezamenlijke normen en waarden worden voor het gezin. Praat daarover met elkaar en met je kinderen. Betrek ze er, afhankelijk van hun leeftijd, bij. Luister vooral naar wat ze zeggen en kijk naar hoe ze zich gedragen. Je wilt graag dat je je allemaal prettig voelt in je nieuwe, gezamenlijke (t)huis.
Laat dus communicatie een belangrijk item zijn in het geheel. Ook de village (it takes a village to raise a child) die bij je gezin betrokken is heeft nieuwe instructies nodig. Wat zijn voor hun de aanwijzingen om ook het nieuwe gezin te ondersteunen zoals voor hun het beste is.
Misschien moet je wat regels aanpassen. Wat in het oude gezin werkte hoeft niet perse in het nieuwe te werken. Spreek dat, als ze daarvoor niet te jong zijn, met alle kinderen af. Vertel ze waarom je dat zo wilt afspreken en laat ook ruimte voor discussie. Laat ieder, ouder en kind, in zijn waarde. Laat ieder zich gehoord voelen.
Het zal wat ongemakkelijk zijn in het begin maar met respect voor elkaar zul je zeker een goede modus kunnen vinden voor het samengestelde gezin.

Het vergeten kind.

Ergens in januari ontving ik het magazine ‘Het vergeten kind TALKS’. Het is gemaakt door THE UNFORGETTABLES zoals het op de cover staat, vet en in hoofdletters. The unforgettables zijn allemaal jonge kinderen en adolescenten, ervaringsdeskundigen die hebben meegemaakt dat ze op een nieuwe plek, steeds weer, opnieuw moesten beginnen. Zo logisch dat dat moet stoppen en zij zich daar hard voor willen maken.
Het is ongeveer twee jaar geleden dat ik donateur ben geworden van ‘Het vergeten kind’. Het kwam bij ons donateurschap voor o.a. de Kankerbestrijding, het WNF en het Longfonds. Stichtingen die we steunen omdat we het behoud van onze planeet zo belangrijk vinden voor onze kinderen en kleinkinderen en hun toekomstig nageslacht. En de ziektes waaraan we familieleden hebben verloren. In die zin paste deze stichting niet bij ons omdat wij het geluk hebben gehad dat onze kinderen bij ons konden opgroeien.
Maar ik ben, als ex-leerkracht van een MBO, met veel kinderen in de knel in aanraking gekomen. Ik las een keer over de stichting ‘Het vergeten kind’, zag een spotje op de televisie en ik dacht: “Deze kinderen hebben hulp en steun nodig die hun families blijkbaar niet kunnen geven,” Ik kan dat ook niet, maar de stichting wel. En ik kan hun steunen door donateur te worden.
Ik heb direct de meegestuurde poster van het Hartenhuis voor ons raam gehangen, en ik laat dat nog even hangen. Ook na de week van Het vergeten kind. Het is erg dat een kind niet meer thuis, niet meer bij zijn familie kan wonen. Maar elk kind moet kunnen hechten en dat lukt niet wanneer het steeds weer wordt overgeplaatst. Bovendien zijn ze al heel kwetsbaar en is het niet wenselijk dat ze steeds aan een andere plaats, een andere omgeving, een ander huis en andere mensen moeten wennen.
Chapeau dus voor de gezinshuizen waar de kinderen kunnen opgroeien alsof ze wel in een gezin wonen. Ik steun al vele jaren de stichting SOS kinderdorpen. Daar doen ze dit al langere tijd. Op hun site zie ik een filmpje van DJ Martin Garrix over zijn steun en bezoeken aan SOS kinderdorpen. Hij vertelt er liefdevol over en ook over zijn ouders die hem hebben voorgeleefd in wat je voor een ander kunt doen.
Deze had ik zelf niet kunnen bedenken … dat ik vandaag zou leren dat een voorbeeld kan komen van wat wij ‘arme landen’ noemen en van een jongeman die mij tot tranen toe zou roeren door ‘liefdevol communiceren’ zo mooi in praktijk te brengen.

Beter voorkomen dan …

De prille ouder coach komt in beeld voordat de baby er is. Met de aanstaande pappa en mamma bespreekt zij in de workshop het Prille ouder boekje. In dit boekje (be)schrijven zij wie zij zijn op het moment dat mamma nog zwanger is en pappa de baby vast wel eens heeft voelen bewegen maar nog niet met hem heeft kennis gemaakt.
Samen bespreken we hun sociale vangnet (It takes a village to raise a child), praktische en emotionele zaken en een persoonlijk ouderschapsplan dat ze samen kunnen vormgeven. We bekijken alvast de bladzijden om herinneringen te maken en de prille ouder tips die we aan het boekje hebben toegevoegd. Misschien hebben ook ouders tips voor elkaar.
Met dit kleine en heel waardevolle document hebben ze een blijvende herinnering aan waar ze samen waren op een heel belangrijk punt in hun leven. Omdat we erover gesproken hebben en ze er zelf over geschreven hebben is het een deel van pappa en van mamma geworden. “Wie waren wij toen ons kleintje naar ons onderweg was.”
Nog twee keer in het eerste jaar zal de prille ouder coach bij het gezinnetje langs komen om te bespreken hoe het gaat. Uit de tijd dat haar eigen gezinnetje nog pril was weet ze (ze kan het bijna nog voelen) hoe groot de impact was op hun relatie toen de baby kwam. Hoe groot haar voorsprong was op haar man die de baby pas kon leren kennen toen ze er was. En ook hoe kort zijn lontje kon zijn als in huis even niks liep zoals hij dat heel graag wou. Wat had ze compassie met hem en ook met de bijna ontroostbare baby die nog niets kon dan haar instincten volgen.
Buiten de twee keer dat de prille ouder coach nog fysiek contact met de ouders heeft mogen de pappa en mamma zo vaak als ze willen appen en/of mailen om zich wanneer nodig gerust te laten stellen of elke vraag te stellen die ze hebben. En de prille ouder coach zal hen bellen wanneer zij dat nodig hebben.
Een goede, intensieve begeleiding en ‘helpdesk’ in het eerste jaar geeft een stevig fundament voor het prille gezinnetje om zich verder op een prettige manier samen te ontwikkelen.
Toch nog even dit: wanneer je nadenkt over wel of geen kinderen krijgen en je twijfelt, doe het dan (in ieder geval nog even) niet. Bespreek het uitgebreid met degene met wie je dit kindje wilt krijgen. Spreek je angsten en je zorgen uit, dat neemt er vaak al iets van weg. Het is een grote beslissing die je samen maakt en waar je samen achter staat. Want, neem dit in ieder geval maar aan, wanneer het kleintje er is heb je elkaar keihard nodig en ook heel lang.
Er zit geen garantie op een baby en je kunt het niet terug brengen, daarom …