Voetballen? Dat is toch partijtje?

Het mannetje staat in zijn voetbalpakje klaar om te gaan. Hij gaat met mamma naar het voetbal. Kijken of hij dat leuk vindt. Hij is immers altijd aan het voetballen in de speeltuin met pappa. Zijn vriendje voetbalt al bij de mini’s en daar gaat hij nu ook meedoen. Proef voetballen als het ware.
Aangekomen bij het veld gaan zijn gymschoenen uit en de voetbalschoenen aan. Jas uit en naar de trainer. De trainer staat in het midden van het veld en blaast op een fluit. De spelertjes rennen allemaal naar hem toe en geven hem een hand. Dat hoort zo. Het kleine mannetje loopt schoorvoetend naar het midden. Hij is niet zo’n held. Eerst even de kat uit de boom kijken en als het goed is, dan gaat hij vanzelf ook meedoen. De trainer steekt zijn hand uit om hem te begroeten. Hij zegt zijn naam. Het kleine handje van het mannetje verdwijnt in die van de trainer. De eerste kennismaking is een feit.
Op het veld staan allemaal pionnen. De trainer pakt de zak met ballen en legt de bedoeling uit. Achter elkaar gaan staan met de neus richting een doel, dat ergens in de verte staat. Met de bal naar voren en om de pionnen heen. Dat is de bedoeling. Aan het einde stoppen en omdraaien. De eerste kinderen komen in beweging.
Op een afstandje staat mamma. Hij kijkt haar aan. Zij denkt te herkennen dat hij nog niet ontdooid is. Daar staat hij dan, in zijn voetbalpakje, met de andere kinderen. Z’n eerste voetbaltraining.
Dan moet hij met de bal naar voren. Om een paar pionnen heen en dan weer stoppen. De trainer zegt dat hij mag beginnen. Hij blijft stokstijf staan. De trainer moedigt hem aan. Dan, heel voorzichtig, schuift hij naar voren. Hij raakt de bal eerst met zijn linker voet. Speelt de bal voorbij de eerste pion. Loopt er achter aan, stopt de bal en doet dat nog eens maar nu met zijn rechter voet. Zo overbrugt hij de 20 meter vooruit. Alle ogen lijken op hem gericht.
Als hij achteraan sluit ziet mamma dat hij met zijn mouw een paar tranen van zijn wang afveegt. Mamma steekt nog een duim omhoog dat het goed ging, maar hij heeft er geen aandacht voor.
Het uur verstrijkt. Na de eerste oefening volgen nog een aantal andere. Niet alleen vooruit met de bal maar ook zijwaarts en zelfs achteruit. Dat is belangrijk zegt de trainer want je moet de bal steeds kunnen verplaatsen. Je moet de baas over de bal worden.
De trainer blaast weer op zijn fluit. De training zit er op. De ballen gaan weer in de zak en iedereen kan weer gaan. Tot volgende week. De volgende groep staat al klaar.
Het kleine mannetje loopt naar mamma. “En? Was het leuk?” vraagt mamma. Hij barst in tranen uit. “Dit is helemaal geen voetbal. Dit zijn oefeningen.” roept hij teleurgesteld. “Voetbal is partijtje. Zoals met pappa, in de speeltuin.”

Gastblog van Peter Jeltema

Advertenties