Hoe krijg je een gelukkige relatie? Wat is daarvoor belangrijk? Ooit hoorde ik iemand zeggen: ‘Ze zijn erg op elkaar gesteld,’ en dat vond ik toen raar. ‘Op elkaar gesteld zijn’ is toch veel te weinig als je het over liefde hebt?
Nu ik met mijn grote liefde al 37 jaar heb samengeleefd denk ik daar wat anders over. Wij houden van elkaar, ik in ieder geval al 37 jaar van hem. Ik was niet vrij toen ik hem voor het eerst in de ogen keek maar hield direct al van hem. En hij was zeker meteen op mij gesteld. Dat wij gaandeweg steeds meer van elkaar gingen houden was belangrijk, maar dat wij ook steeds meer op elkaar gesteld raakten was zeker zo belangrijk. Het hielp ons enorm om onze communicatie positief te ontwikkelen. Dat ging niet zonder slag of stoot, maar dat gebeurde wel.
Hoe kan er genoeg liefde zijn en de relatie toch ongelukkig? Ik weet dat niet want ik heb zelf niet in zo’n situatie verkeerd. Maar ik kan het misschien wel bedenken. Liefde is namelijk geen garantie voor geluk. Het is denk ik wel het beste uitgangspunt. In beginsel moet er liefde zijn. En verder? Een cruciaal onderdeel van een relatie is, en daar is hij weer, communicatie. Hoe praat je met elkaar, maar ook, hoe kijk je naar elkaar en wat gun je elkaar. Wat vind je samen belangrijk en hoe reageer je op een voorstel waar jij niet zoveel zin in hebt maar waarvan je wel weet dat je liefste het graag wil, of belangrijk vindt. En dat kan alles zijn, bij wijze van spreken van fietsen tot seks. Eigenlijk weten we allemaal wel, dat als je samen iets doet en de één ziet hoe de ander geniet, de zin bij die ene ook komt. Tenminste … als er liefde is, als je elkaar wat gunt, als je ervoor open staat.
De communicatie kan te moeilijk zijn, mensen begrijpen elkaar soms echt niet. En soms realiseren ze zich niet hoe destructief hun eigen gedrag kan zijn of hoe lastig het is als er competitie en strijd tussen twee geliefden is in plaats van harmonie en met elkaar meebewegen.
Dat kan allemaal en dat maakt de relatie moeilijk, soms bijna onmogelijk. Maar dat betekent niet … dat er geen liefde is.
Liefde
Wat is liefde en hoe voelt liefde. Wat maakt dat de ene liefdesrelatie een leven lang kan duren, zoals ik bij mijn ouders zag en waar ik bij ons goede hoop en vertrouwen op heb, en de andere liefde na korte tijd dooft.
Ik heb in mijn leven drie liefdes(relaties) gehad. De eerste twee kort en toen ik nog heel jong was. De derde, sinds ik 23 was, nu al 37 jaar. Op mijn eerste vriend was ik intens verliefd, ik dacht destijds dat hij mijn grote liefde was. Tegelijk voelde ik heel sterk dat er iets niet goed was (hij bleek het met de trouw niet zo nauw te nemen) en toen hij mij na twee jaar verliet was ik intens verdrietig. Ik was net 19 geworden. Ik heb wel eens gedacht dat ik vanwege dat verdriet in de armen van de eerste de beste jongen liep die mij positieve aandacht gaf. Dat ik ruim drie jaar bij hem ben gebleven en zelfs met hem ben getrouwd (het huwelijk was kinderloos en duurde tot en met de uitgesproken scheiding 13 maanden) betreur ik zeer voor hem. Ik zou het ongedaan willen maken maar dat kan niet.
Toen ik mijn man leerde kennen was ik dus getrouwd. Op mijn 23ste gescheiden en een jaar later met hem getrouwd omdat we onze oudste dochter verwachtten. Ik hield toen al heel veel van hem. Ik wilde toen, en nu nog, alleen maar bij hem zijn. Hield hij ook direct en zoveel van mij? Ik denk het niet en vond dat heel lang, heel moeilijk. Ik vond het wel een eyeopener toen zijn beste vriend tegen mij zei: ‘Misschien heeft hij veel minder te geven dan jij en hij geeft alles aan jullie,’. Onze vriend zal ik hiervoor altijd dankbaar blijven want het veranderde direct mijn gevoel.
Ik hoor vaak mensen als reden van een scheiding zeggen: ‘We (of ze) waren heel verschillend,’. Dat zijn wij ook. Ik meen het wanneer ik zeg: ‘Hij is alles wat ik niet ben en ik ben alles wat hij niet is,’. Daarvan zeg ik nu: was.
37 jaar is een lange tijd en die kun je alleen maar prettig en fijn (gelukkig niet doorlopend, dat zou niet goed zijn) bij elkaar blijven wanneer je leert met elkaar mee te bewegen en elkaar positief te beïnvloeden. Hoe dat ‘positief’ eruit ziet bepaal je samen.
Volgens mij kan een relatie slagen als er in beginsel liefde is. En als je die liefde weet te behouden en uit te breiden. Uitbreiden, eerst en vooral, naar je kinderen en dan naar andere mensen om je heen, die je ook kunt liefhebben.
Misschien is het goed om te checken hoe het met de liefde is voordat je aan kinderen begint. Het is sowieso wel goed om in een relatie af en toe te checken hoe het met de liefde is, als je een liefdesrelatie wilt behouden. Als je geen kinderen wilt, of hebt, is het minder belangrijk omdat de relatie dan gaat over twee of meer volwassenen.
Het blijkt voor veel mensen te moeilijk om hun kind voorop te stellen (dat is een van mijn conclusies bij veel scheidingen waarover ik hoor en lees) maar, en dat is mijn overtuiging, dat gaat een stuk gemakkelijker wanneer er tussen beide ouders liefde is.
Linda
You have your own place, deep in my heart
Although you’re not there, you’ll always be part
Of this family, so big and strong
Forever the place where you belong
You have loved this family so intense
The emptiness you leave is so immense
We’ll never forget any part of you
Because we have loved you so much too
Nothing else could have given us more togetherness
Than just the tragic of your death
The best are the memories of a person loved
We’ll see you again when we arrive up above
Although you’re up there and we are still here
Together we have nothing to fear
We still love you and we always will.
De anderen … en zij.
De meeste kinderen houden van de gymlessen. Vooral wanneer de les bestaat uit een potje volleybal, basketbal of misschien wel voetbal. Een beetje gezonde competitie. Een beetje krachten meten. Een beetje vrij, anders dan de klassikale lessen waarin je moet opletten en in je bankje zitten werken.
Vooraf was er het selecteren van de groepen. Daarvoor werden twee leerlingen aangewezen die vervolgens om de beurt iemand mochten kiezen in hun groepje. Precies daar begon voor haar de ellende. Een voor een werden de kinderen gekozen. Je zag de verschillende groepjes opgetogen reageren, oh ja, die … die kan heel hard lopen. Of die, die kan heel goed een bal gooien, of vangen, of wegslaan. Soms zag ze de teleurstelling op de gezichten als iemand voor hun neus was weggekaapt. Och, die hadden ze ook zo graag in hun groepje willen hebben. Met angst en beven zag ze de een na de ander in een groepje worden opgenomen en dan de wetenschap …
Ze was niet voorzien van een heel soepel lichaam. Misschien hielp het ook niet dat ze pas op haar zesde naar school was gegaan. De kleuterschool had ze geskipt. Waarom? Ze weet het niet eens. Het was blijkbaar niet verplicht. En ze was precies met haar familie op haar vierde naar een nieuwe stad verhuisd. Ze had het heerlijk gevonden altijd bij haar moeder thuis te zijn, samen met het jongere broertje en de jongere zusjes. Heerlijk rustig ook nu de oudere broers en zussen naar school of naar hun werk waren. Maar voor haar is het achteraf niet zo handig geweest.
De gymlessen waren een crime, want wat ze ook deden, echt lukken wilde het nooit. Bij het maken van een vogelnestje aan het einde van de gelijke brug stonden twee leerlingen om je op te vangen zodat je niet zou vallen … en ze viel toch. Ze grepen net mis of misschien was het wel de onhandige manier van bewegen van haar lichaam? Met het zwaaien aan de ringen wist eenieder dat dooie punt te vinden waarop je de ringen loslaat en keurig, recht naar beneden op je voeten terechtkomt … behalve zij. Ze liet in de zwaai los en viel daardoor voorover op haar buik neer, keihard want, precies niet op de mat.
Toch viel dat allemaal in het niet bij dat ene. Het weten dat na het verdelen van de groep er nog één iemand zou staan … alleen … en zou worden toegewezen aan de laatste groep die aan de beurt was om te ‘kiezen’. Aan sommige gezichten had zij al lang gezien aan welke groep dat was. Die hadden al berekend wie die slome zou krijgen die geen bal wist te vangen, of te gooien, of te slaan.
Ze heeft zich vaak afgevraagd waarom ze toch zo slecht aansluiting weet te vinden bij een groep, maar eigenlijk weet ze het allang. En het is ook de reden waarom ze wil opkomen, altijd … voor die ene.
Vrienden voor het leven?
Ze zitten met zijn vieren om de tafel. De oudste heeft bedacht dat ze samen een spel zullen maken en daarvoor doen ze nu een echte brainstormsessie. Ze kunnen beginnen wanneer Famke van oma een bloknoot heeft gekregen want Famke zal notuleren. Om de beurt mogen ze iets noemen wat zal bijdragen aan het spel en wanneer de peuter aan de beurt is volgt vlot zijn antwoord: tekening. ‘Neehee,’ protesteert zijn broer maar Famke zegt: ‘Jawel, dat is goed,’ en ze notuleert: Noah, tekening. Finn zegt dat dit nog maar de eerste sessie is en dat ze eerst een prototype zullen maken dat nog veel zal veranderen voordat het eerste spel zal worden uitgegeven. De jongere kinderen en oma zijn diep onder de indruk.
Na veel discussiëren, tekenen en knippen zijn ze er eerst klaar mee en het volgende spel wordt geboren. Als ik ze in onze slaapkamer hoor rommelen blijken ze ‘voor een goed doel’ ons waterbed over te zwemmen. In drie slagen borstcrawl komen ze van de ene naar de andere kant en zo komt iedereen een paar keer aan de beurt. Moe maar voldaan zwemmen ze ‘voor nep’ een enorm bedrag bij elkaar.
Ze kunnen verbazend goed samen spelen. En dat zegt wel iets over de oudste twee. Onvermoeibaar nemen ze de jongste twee op sleeptouw. Voetbal, Lego, tekenen, alles komt voorbij. Ze kijken zelfs samen naar ‘Miss Moon’ wat de oudsten al geruime tijd als saai bestempelen.
Het spel komt de volgende dag af. Niemand weet nog of en hoe het werkt want het is nog maar de eerste versie van het prototype. Ik keek vroeger naar mijn kinderen en dacht soms: ‘Hoe zouden ze zijn, over tien jaar?’ Op zulke momenten denk ik dat bij deze kinderen ook. Drie zullen dan tieners zijn, de oudste 21. Ze zullen iets ‘doen’. School of werken. Maar ik hoop vooral dat ze vrienden zullen blijven en elkaar graag blijven zien. En ik neem me voor meer van deze weekendjes te plannen. Dat ze met zijn allen bij opa en oma zullen logeren, zonder hun pappa’s en mamma’s en dan samen mooie herinneringen maken.
Ik tel mijn zegeningen.
Onlangs trouwde onze oudste dochter. Het is haar tweede huwelijk waarmee ze in mijn voetsporen trad. Er is een verschil tussen onze beide eerste huwelijken, ik had geen kinderen (het huwelijk duurde officieel een jaar) en zij heeft ze wel. Onze mooie, grappige, slimme en lieve kleinzoon en kleindochter.
Natuurlijk hebben ook deze kinderen last van de scheiding van hun ouders. Hun geluk, ons geluk is dat wij allemaal, hun ouders, stiefvader en grootouders hun belang voorop zetten bij elk gebeuren waarbij zij betrokken zijn.
Toch zal ik niet zomaar zeggen dat ‘ze er geen last van hebben’. Of ‘niet meer’ zoals ik gescheiden ouders hoor zeggen over hun kinderen. We weten het namelijk niet. We kunnen niet in hun hoofden kijken en we weten dat ze dat niet snel tegen ons, direct betrokkenen zullen zeggen want er is loyaliteit. Altijd.
De kinderen hebben de eerste tijd de last die zij hadden van de scheiding ook naar ons toe geuit. De één door fysieke en de ander door geestelijke pijn. Het was een nare tijd, voor ons, dus in grotere mate, voor hen. Wij konden er alleen maar voor ze zijn. Ze laten weten hoeveel we van ze houden, begrip tonen voor hun pijn en verdriet.
Nu ligt dat al een paar jaar achter ons. De rust is weergekeerd. Ze worden groot en willen gelukkig nog steeds bij ons zijn, of dat wij bij hen zijn op hun vrije middag wanneer hun mamma werkt.
Ik heb een beetje gedramd bij hun opa, om nog een tweede slaapbank terwijl we er net één hadden gekocht. De jonge neefjes van onze kleinkinderen komen dit weekend bij ons logeren. En nu kunnen de kinderen, alle vier, tegelijk bij ons blijven slapen. Onze kleindochter had gevraagd of zij tegelijk mochten komen. Hoe leuk is dat?
Ik ben een blije oma en ik tel mijn zegeningen.
Bemoeien of helpen?
Misschien zou je mij wel een bemoeial kunnen noemen. Ooit hoorde ik over iemand die voor een verliefdheid op een ander zijn vrouw had verlaten. En ik wist dat zij al een kind had uit een eerder huwelijk. Ik vroeg: ‘Hoe is dat voor de kinderen,’ en hij werd woedend. Ik begreep dat wel. Je wilt met zo’n vraag niet geconfronteerd worden wanneer je met je hoofd in de wolken zit vanwege de nieuwe liefde.
Wat ik wel heel jammer vind is dat hij net te laat bedacht dat hij zich had vergist. Hij was hiermee niet de eerste en zal helaas ook niet de laatste zijn. Teruggaan naar het gezin is in vele gevallen niet meer mogelijk. Soms heeft de ander inmiddels een liefde gevonden die ze vertrouwt en oprecht liefheeft. En soms durft de ander gewoon niet meer te vertrouwen op degene die is weg gegaan. Het echt jammere is dat er een gezin is opgebroken dat wel in tact had kunnen blijven. Waar overigens hij staat kan ook zij staan, want die gezinnen zijn er ook geweest.
Ik ben een keer enorm in de fout gegaan. Ik stond in die tijd nog op school en begeleidde een meisje van zeventien dat niet bij haar moeder en ook niet goed bij haar vader kon wonen. Bij haar vader was wel ruimte maar geen goede omstandigheden en bij haar moeder was geen ruimte. Ja, die was er wel, maar er was niet voor gekozen die voor haar klaar te maken.
Ze had mij gevraagd haar wens niet bij haar ouders kenbaar te maken, maar ze wilde dolgraag goed bij een van haar ouders wonen. Toen ik met haar ouders in gesprek kwam ontviel mij echter de kreet: ‘Een kind van zeventien moet toch gewoon bij een van haar ouders kunnen wonen?’ Wat ik enorm dapper vind is dat ze met haar vader bij mij kwam praten en rustig vertelde dat ze dat niet fijn gevonden had.
Tot er iets onverwachts gebeurde. Vader, moeder en stiefvader sloegen de handen ineen en zorgden er samen voor dat de ruimte, die er was, voor het meisje werd klaargemaakt. Ik kreeg een lange mail waarin ze vertelde dat ze bezig was de kleuren voor haar kamer uit te zoeken en dat het heel mooi werd. Ze was er zo blij mee.
Naderhand gaf ze mij een 9 voor de coaching en ik was alleen maar blij dat het meisje een goede plek kreeg om te wonen. Ik vond het geweldig van de drie ouders die voor haar hun trots opzij hadden gezet en een stap namen waar zij en ik niet van durfden dromen.
Ben ik een bemoeial? Ook. Ik wil in ieder geval altijd helpen. Misschien komt het omdat je mij altijd mag helpen. Want ik geloof in ieders goede intentie.
De Prille Ouder-coach 2.0
Sinds ik in 2010 de drie kinderen leerde kennen (met hun ouders) die al op de leeftijden van 4 maanden, 17 maanden en 2 jaar hun oorspronkelijke gezin verloren, houd ik me met hen bezig. Nee, niet rechtstreeks met de kinderen en hun ouders maar met de gevolgen van de scheidingen. Deze drie gezinnen zijn sindsdien niet meer uit mijn gedachten geweest en zij zijn er de reden van dat ik in 2012 het stuk schreef ‘Liefde: pleidooi voor het kind’. Het ernstige, strenge stuk waar ik toch achter blijf staan.
Sinds 2012 heb ik daarom geprobeerd onder de aandacht te brengen wat volgens mij nodig is om onnodige scheidingen te voorkomen, coaching op de relatie van (aanstaande) prille ouders. Ik ben ervan overtuigd dat die coaching moet worden aangeboden wanneer de baby nog ‘onderweg’ is. Waarom precies op dat moment? Volgens mij is het antwoord hierop even simpel als waar: omdat er op dat moment liefde is tussen de ouders en er wordt gecommuniceerd.
Iedere ouder weet dat er een enorme impact op de relatie kan komen wanneer de eerste baby (zowel in de eerste als in samengestelde gezinnen) er is. Niet in de laatste plaats door wat de onrustige maatschappij waarin wij leven, van ieder van ons eist. Voor de praktische kant van het krijgen van een baby is er van alles geregeld en mogelijk tot en met, wanneer je dit wenst, een doula, een nog betrekkelijk nieuw fenomeen.
Voor de relatie is er hoegenaamd niets. Is dat de reden waarom veel teveel kinderen al op heel jonge leeftijd hun gezin verliezen? Ik ben bang van wel. In heb in de afgelopen jaren veel gesproken met mensen in de zorg, van de gemeente, de politiek over deze kwestie en ook veel met andere mensen die op wat voor manier dan ook op mijn pad kwamen. Ik schrik dan van de verhalen die ik daarbij hoor. Het verhaal van de opa en oma die hun kleinkind hoegenaamd niet meer hebben gezien nadat de relatie van hun dochter is gestrand. Het verhaal van de jongen die moest aanzien hoe zijn halfbroertje en -zusje overladen werden met Sint cadeaus en hij hetzelfde feest verliet met een schetsboekje en een potlood.
Onlangs ben ik begonnen met een Master Healthy Ageing Professional. Ik kwam op dit idee vanwege een HAP student die haar onderzoek had gedaan over voortijdig schoolverlaters. Gisteren, tijdens de les, schreven we in het midden van een groot blad ons onderwerp en daaromheen rangschikten we ons ecosysteem. Voor de meeste studenten was dit geen enkel probleem. Zij werken al voor de professionals die vaak ook zijn betrokken bij hun onderzoek.
Mijn ecosysteem bevindt zich nog ver van mijn onderwerp. Alleen de dame van MIM (moeders informeren moeders) staat dichtbij. Zij nam de moeite, zes jaar geleden, om naar mij toe te komen (ik werkte nog op school) en naar mijn verhaal te luisteren. Sindsdien ben ik bij haar MIM moeders en vrijwilligers betrokken en heb ik met diverse moeders mooie interactie gehad omdat zij wilden luisteren naar mijn verhalen over de verantwoordelijkheid die je hebt om aan je relatie te werken wanneer je samen één of meer kinderen hebt. De verhalen naar aanleiding waarvan zij inzichten kregen die hun relatie en hun gezin goed heeft gedaan.
Medestudenten stimuleren mij om met mijn verhalen nieuwe wegen te zoeken. Dit doet mij goed. Zij zijn veelal jong en begrijpen toch precies wat ik bedoel. Dus zet ik ook voortaan op LinkedIn elke week mijn Prille ouder-blog. En ik zou graag op scholen, in een burgerschaps-les voor niveau 3-4 bijvoorbeeld mijn Prille Ouder-blogs komen voorlezen, over relaties praten met de leerlingen en vooral horen of en hoe zij zich hiermee bezighouden.
Volgens mij is het echt tijd voor preventie. Daarom ga ik de komende twee jaar keihard aan de slag om mijn onderwerp verder te onderzoeken en te ontwikkelen. Ik ben zelf heel benieuwd wat ik op deze mooie zoektocht ga tegenkomen.
Waar zoek je naar?
Een aantal jaren geleden hoorde ik een collega (ik was nog docent op een ROC) verzuchtten: ‘Ik vind het helemaal niet meer leuk. We waren gisteren alle vijf thuis en we zaten allemaal op onze eigen laptop, IPad of telefoon iets anders te doen. Ik dacht: we zijn wel samen, maar niet echt,’. Ik weet niet meer of ik daar toen iets op heb gezegd.
Onlangs hoorde ik een dame zich soortgelijk uitlaten. Zij zou graag met haar man een keer samen een film willen zien. Ik zei: ‘Nou, dan doen jullie dat toch,’. Zo simpel lag het niet. Ze wilden best allebei een film zien, maar hadden wat films betreft blijkbaar een heel uiteenlopende smaak. Haar man gaf aan graag een keer eens met haar te willen Trivianten, maar daar had zij helemaal geen zin in: ‘Ach,’ verzuchtte ze, ‘al die vragen,’.
Het gaat natuurlijk niet om de laptops, IPads, telefoons, films of spelletjes, het gaat om onze relaties. Hoe willen we een gezin zijn, hoe willen we een (echt)paar zijn. Het is voor mij niet moeilijk, als je wilt dat je gezin ‘echt samen’ is dan zorg je daarvoor. Je kunt afspreken hoe je met al die apparaten omgaat. Samen bepalen wanneer de kinderen op hun apparaat mogen. En je begint bij jezelf. Hoe vaak zit je op je laptop of telefoon? Kinderen doen wat jij doet. Dus bepaal samen, als ouders, hoe je dat wilt. En houd rekening met je eigen gedrag.
In plaats van de tijd die je ieder op je apparaat zit kun je dan echt samen iets doen. Elkaar beter leren kennen bijvoorbeeld. Neem eens de tijd om elkaar te vertellen hoe je je voelt of wat je bezighoudt. Dat kan in het begin ongemakkelijk voelen maar het is heel prettig als je eraan gewend bent. Wie weet wat de kinderen je te vertellen hebben wanneer je echt naar ze luistert.
We zoeken al heel lang naar geluk en bevrediging in dingen die helemaal geen geluk en bevrediging geven. We kunnen steeds meer hebben en we kunnen steeds meer weten … en we raken elkaar steeds meer kwijt. Willen we dat? Ik geloof het niet.
We lijken op de jonge schaapherder, Santiago uit de Alchemist, die van Andalusië reist naar Egypte om daar een schat te zoeken terwijl hij die al die tijd al had.
Kom vandaag eens thuis en kijk bewust naar wat je hebt en vooral, wie je hebt, en koester elkaar. Geef je kinderen en elkaar iets van onschatbare waarde wat met geen geld te betalen is … aandacht en oprechte belangstelling. En als je allebei iets anders wilt, doe het dan allebei, samen. Eerst doe je het voor de ander, en als je het volhoudt, uiteindelijk, ook voor jezelf.
Niet dat van jou maar wel bloed van zijn of haar bloed.
Het is en blijft mijn overtuiging dat wanneer twee mensen uit elkaar gaan, met of zonder kinderen, het de verantwoordelijkheid is van de beide exen. Wanneer er geen kinderen bij betrokken zijn is het heel gemakkelijk. Je hoeft elkaar niet meer te zien of te spreken. In het andere geval…is dat wel zo. En hoe dan de communicatie gaat is de verantwoordelijkheid van beide ouders.
Ik heb veel gesproken met familie van op dat moment ex-echtelieden. Ik verbaas me vaak over wat wordt verteld van wat dan heet ‘de ex-schoonfamilie’. Voor de mensen met wie ik spreek is dat zo, het is hun ‘ex-familie’. Voor de betrokken kinderen niet. Het is en blijft hun familie. Zij zijn met beide families bloedverwanten en hebben naar beide families loyaliteit. Ze houden van beide families al zullen ze dat naar mensen die dat in twijfel trekken niet kunnen of durven beamen.
Ik heb bij NLP geleerd, en wist dat diep van binnen zelf al, het zijn niet gebeurtenissen die lading geven maar hoe je naar die gebeurtenissen kijkt. Al heb jij, je dochter, je broer of wie dan ook issues met de ex, betrek niet de kinderen erbij. Zij hebben recht op hun gevoel naar beide families. Zij hebben contact met beide families nodig om zich te ontwikkelen tot de persoon die zij willen zijn.
Ook bij relaties die ‘goed’ zijn kunnen de kinderen belast worden met issues met de schoonfamilie. Kinderen zijn onbevangen en zullen aanvankelijk van al hun familie houden… totdat ze naar één van beide families negatief worden beïnvloed, en dat hoeft niet. Want zij zijn en blijven bloedverwanten van elkaar.
Geen bloed van jouw bloed, maar wel van dat van je kinderen.