Wat klaar is, is klaar

Het was een enorme sprong in het diepe. Ik werd al jaren gedreven door de vraag: wat kan ik doen om ervoor te zorgen dat meer kinderen hun kerngezin kunnen behouden? ‘Alleen op mijn zolderkamertje,’ zoals één van de docenten het in één van de lessen noemde, was ik daar al jaren mee aan het werk.
Toen kwam de mogelijkheid om Healthy Ageing Professional (HAP) te gaan doen en nam ik dus die sprong. Zonder verwachting, open-minded. Ik had wel verwacht dat het moeilijk zou zijn maar wat dat ‘moeilijk’ zou inhouden, dat wist ik niet.
Ik nam de moeilijke theorie, de voor mij ‘vreemde taal’ en de methodologie, zo goed als ik kon tot me. Ik printte, verzamelde en bestudeerde alles wat ik dacht dat belangrijk was en ik vond een opdrachtgever bij wie ik mijn innovatie kon ontwikkelen.
Met de theoretische kant was ik voorzichtig begonnen en dat ging me moeilijk af. Maar moeilijk heeft mij nog nooit ergens van weerhouden. Ik kan hard werken en ik ga ervoor…altijd.
En toen vond ik de websites van de cursussen OuderTeam.nu en PinkCloud. Ouderschapscursussen gericht op het versterken van de relaties van aanstaande ouders. OuderTeam.nu is onderzocht en ontwikkeld door mevrouw Gravesteijn, lector Ouderschap en Ouderbegeleiding aan Hogeschool Leiden. PinkCloud is in samenwerking met experts, praktijkprofessionals en jonge ouders door de Universiteit van Amsterdam ontwikkeld. En ik realiseerde mij, het is er al. Terwijl ik alleen bezig was op mijn zolderkamertje waren er mensen die het ook onderzochten en ontwikkelden, mijn innovatie waarvoor ik aan de opleiding begonnen ben.
Mijn hart maakte een sprongetje, want het klopt dus. Waar ik me ongerust over maak, al jaren. Teveel kinderen die de dupe worden van de scheiding van hun ouders. Dat daar meer aan moet gebeuren en liefst aan de voorkant, voordat de baby geboren wordt. Dat het kan helpen de relatie van de aanstaande ouders te ondersteunen, zodat zij beter voorbereid, bewuster aan het avontuur van het worden van een gezin kunnen beginnen. Dat zij grotere kans maken op Healthy Ageing from the start. Mijn onderwerp is hiermee gevalideerd.
En nu? Ik ben dankbaar voor het afgelopen half jaar. Voor de mensen die ik heb leren kennen, mee mocht optrekken en die ik bewonder om wie zij zijn en wat zij kunnen. Ik ben blij met het kijkje dat ik mocht hebben in de wereld van de wetenschap, en met de wetenschap, het inzicht, dat dat niet mijn wereld is.
Ik stop…met de opleiding, maar mijn zoektocht gaat verder. Want wat is het rendement van de cursussen. Is het structureel opgezet of als (aflopend) project? Zijn er resultaten van bekend? Zijn de ouders die aan de cursussen hebben deelgenomen bij elkaar gebleven? Hebben hun kinderen bij hen een goed en veilig thuis en ervaren zij daar ‘positieve gezondheid’? Zijn de oudercursussen de nu nog ontbrekende schakel in de zorgketen rond de ‘geboorte’ van een gezin? En als dat zo is, hoe gaan we er dan voor zorgen dat ze in het zorgpakket voor gezinnen worden opgenomen?
Pas als ik de antwoorden heb op deze vragen is mijn zoektocht afgelopen. En ondertussen blijf ik opkomen voor de kinderen. Ik blijf ‘De Prille-ouder coach’ en ik blijf mijn blogs schrijven en verspreiden.
Voor mij is de opleiding klaar. Wat er al is kan ik niet meer onderzoeken. Maar iets maken, ontwikkelen, weten is niet genoeg. Het gaat erom wat ermee wordt gedaan.

Ouderverstoting

Twee mensen krijgen een baby’tje. Ze kijken elkaar vertederd aan en geloven oprecht dat ze samen zullen opgroeien. Een gezinnetje te zijn en te blijven, omdat ze daarvoor gekozen hebben. Slechts een paar jaar later gaan de ouders uit elkaar. Er is pijn en verdriet. Begrijpelijk. Maar hoe het kan uitmonden in ouderverstoting is elke verstoten ouder een raadsel.
Ik zie een 2Doc over verstoten vaders. Drie vaders vertellen over omgangsregelingen die niet worden nagekomen, valse aangiftes die worden gedaan, instanties die niet beide partijen gelijke kansen lijken te geven, kinderen die niet meer bij hun vader willen zijn, dwangsommen die worden opgelegd wanneer een ouder blijft dwarsliggen. Natuurlijk is dit alles verteld vanuit het perspectief van de vaders, het wordt aan het einde van de documentaire nadrukkelijk vermeld.
Eén verhaal werpt misschien licht op dit fenomeen waarin iedereen als verliezer dreigt uit te komen. Deze vader komt ook uit een ‘gebroken gezin’. Zijn ouders zijn gescheiden toen hij 7 jaar was. Hij heeft zijn vader daarna niet meer gezien tot zijn 18de, toen hij dacht verhaal te gaan halen. Toen bleek dat zijn vader hem wel had willen zien maar het toch steeds niet voor elkaar kreeg.
De vader bezoekt zijn moeder en kijkt met haar naar een videoband uit zijn jeugd toen zijn vader nog bij hen was. Op zijn vraag waarom hij zijn vader na hun scheiding niet meer zag antwoordt zijn moeder dat dat niet aan haar lag. Er was geen omgangsregeling en zijn vader had gewoon kunnen komen. Maar hij was voor hun geen goed voorbeeld, zegt moeder. De zoon zegt dat zijn ex over hem precies hetzelfde zegt. Moeder wil van zo’n vergelijk niets horen. ‘Je hebt aan je vader niets gemist,’ zegt zij, ‘je hebt een leuke jeugd gehad. Ik wilde voor jullie rust,’
De zoon antwoordt dat hij geen leuke jeugd heeft gehad, hij heeft altijd iets gemist. En hij wil zijn dochter dat besparen. Moeder vraagt waarom hij er nu pas mee komt. Zeker omdat dat nu ook met zijn dochter gebeurt? Zoon geeft aan dat hij dat vroeger ook wel had willen zeggen maar hij wist niet aan wie. Er werd al die jaren niet over zijn vader gesproken.
Uit dit dappere gesprek tussen moeder en zoon blijkt dat moeder uit goede bedoeling heeft gehandeld. Haar zoon was hier al van overtuigd. Maar uit het gesprek blijkt dat moeder en zoon een heel ander gevoel hadden over wat uit die goede bedoeling is voortgekomen. Wat de zoon heeft gemist heeft moeder nooit opgemerkt…of was het misschien te pijnlijk voor haar om te voelen?
De wanhoop van de zoon om het feit dat zijn dochter moet ondergaan wat hijzelf heeft ondervonden moet verschrikkelijk zijn. Daarom vecht hij al jaren om dat onrecht recht te zetten. Ook zijn ex zal een goede bedoeling hebben en nu (nog) niet weten welke schade er bij haar kind ontstaat.
Tenzij er sprake is van seksueel of ander misbruik of mishandeling heeft een kind zijn beide ouders nodig en hij heeft er recht op. Wat kunnen we hiervan leren?
Kunnen we hier iets van leren?

Bubbel

Mijn man en ik zijn samen thuis. Net als heel veel andere mensen in deze vreemde tijd. Terwijl hij een digitaal overleg heeft in onze woonkamer hang ik buiten de was op het balkon. Het is nog pittig koud met een blauwe, beetje sluierachtige lucht. Het is stil om mij heen terwijl we te midden van tientallen eenpersoonseenheden wonen. Ook onze buren boven en onder ons hoor ik niet en achter ons huis is en blijft het schoolplein voorlopig leeg, net als de school.
Er hangt een vreemde, beetje serene sfeer om ons heen. Drie dagen geleden zijn wij, voorlopig voor het laatst, bij een echtpaar op bezoek geweest. Twee weken geleden had ik voor het laatste een zusje op bezoek, vorige week, voorlopig voor het laatst, andere familie. Ik kan niet naar Diemen reizen om op mijn kleinzoontjes te passen. Ze zijn beiden al een tijd verkouden en het is voor hun ouders een hele toer om ze op hun betrekkelijk kleine appartementje te helpen met het huiswerk van de oudste die net in groep 3 is begonnen. Tegelijk moet de jongste van 3 worden beziggehouden en moeten ze om de beurt hun eigen werk voor elkaar zien te krijgen. Zij zijn beiden zelfstandig ondernemer en gewend om van tijd tot tijd thuis te werken maar niet met steeds hun jongetjes om hen heen.
Elke dag krijgen wij updates, van de kleinste die op het balkon ‘gelucht wordt’, vader en zoon die de familie verschillende challenges sturen op een filmpje. Vader die 7 keer een toiletrol weet hoog te houden, zoontje die een minuut ‘plankt’ en op een ander filmpje de jongste die ondersteboven met zijn voeten tegen de muur staat.
Moeder weet zelfs op dat kleine oppervlak meer dan 6000 stappen te zetten door indoor bootcamp te doen, Just dance en alle stappen die een moeder sowieso de hele dag zet, waar ze ook is.
Gelukkig woont de andere familie dichtbij en komen de grote kleinkinderen (voorlopig) nog wel op hun oppasdag. Ze maken hun huiswerk en op verzoek van hun moeder geef ik ze een uurtje Engels. Heel leuk om even mijn oude vak op deze manier weer op te pakken. Voor de buitenlucht en beweging gaan ze met opa (voor oma) een speurtocht uitzetten en leven zich even uit op het verlaten schoolplein.
We leven allemaal een beetje in onze eigen bubbel en onverwacht komen we in een modus van ‘pas op de plaats en nadenken over het vervolg’.
Tegelijk zijn er de mensen die nu keihard werken om het virus de baas te worden en uit te bannen. De mensen die, waar ze kunnen, anderen om hun heen bijstaan. De ouders die opeens twee taken tegelijk moeten doen, hun werk en hun kinderen. Respect voor al deze mensen en hopen en bidden op een goede afloop.

Opvoeden, het belangrijkste werk dat er is

Via mijn autoradio hoor ik dames praten over het feit dat niet alleen Nederlandse vrouwen maar ook Nederlandse mannen in Europa het hoogst scoren op parttime werken. Het programma gaat over de Nederlandse economie. Het is niet de eerste keer dat ik hoor over dit parttime werken in Nederland en dat dat beschouwd wordt als een negatief gegeven.
Ik vraag me altijd af of de mensen die hier zo over spreken zelf kinderen hebben. Als ze kinderen hebben dan kunnen ze weten hoe complex en belangrijk het opvoeden, het grootbrengen van kinderen is. Dan kunnen ze weten hoe belangrijk het ‘goed voorleven’ van je kind is en dat je dat alleen kunt als je met je kinderen tijd doorbrengt.
In die zin vind ik het heel raar dat ‘kinderen grootbrengen’ niet geldelijk wordt beloond. Ten slotte brengen wij ouders de kinderen ook groot om ze later goed te kunnen laten functioneren in de maatschappij, waarvan wij allen afhankelijk zijn. Of het kind later een goede winkelmedewerker wordt of een goed politicus dat maakt niets uit. Als de politicus aan het einde van de werkdag zijn boodschappen wil (laten) doen, dan is daar een winkelmedewerker voor nodig om dat voor elkaar te krijgen.
Ik hoor dat vrouwen gemiddeld 27 uur per week werken en mannen gemiddeld 37 uur per week. Ik zou zeggen: ‘Doe ieder maximaal 24 uur per week.’ Samen maximaal 6 dagen dan heb je ook nog tijd om regelmatig samen door te brengen. Dat kan je relatie ten goede komen.
Dus wat mij betreft, ouders die ervoor kiezen om minder te gaan werken omdat je kinderen hebt gekregen: chapeau. U heeft de beste keuze gemaakt die er is.
Er zijn landen (in Scandinavië) waar ouders veel meer, en langer, betaald ouderschapsverlof krijgen dan hier in Nederland. Dat is ook een optie, of eigenlijk is dat hetzelfde als wat de ouders die hier parttime werken doen. Alleen betalen zij het zelf. Dus nogmaals: chapeau!

Normaal

Een agent die vertelt dat hij van bijna elke dienst wel thuiskomt met ergens een schaafplek of een blauwe plek vanwege geweld dat hij heeft ondergaan tijdens het uitvoeren van zijn werk. Hulpverleners die hun werk niet kunnen doen zonder dat er agenten worden opgeroepen om hen, terwijl ze die hulp willen en moeten verlenen, te beschermen.
Ik heb een hekel aan het woord normaal omdat wij, over het algemeen, niet voor een ander kunnen bepalen wat normaal is. Toch kan ik dit soort berichten niet normaal vinden. Agenten en hulpverleners moeten gewoon hun werk kunnen doen. Zonder dat ze belaagd worden door onverlaten die ze naar het leven staan. Om het woord dan maar goed te gebruiken, dat zou normaal moeten zijn.
Ooit lagen deze onverlaten allemaal als een hulpeloos, onschuldig baby’tje in een wieg. Ze zullen allemaal zijn opgevoed naar het beste inzicht en met liefde van hun ouders. En toch …, toch doen ze nu dit.
Het kan natuurlijk zijn dat ze onder invloed van drank en/of drugs zijn geweest. Dan zijn ze zich er, op het moment dat het gebeurde, niet van bewust geweest. Noemen ze dat dan ‘ontoerekeningsvatbaar’? Maar ze hebben het wel gedaan en de slachtoffers zijn wel slachtoffer en vaak voor het leven getekend. Misschien niet zichtbaar maar onzichtbaar is wellicht nog veel erger, dat heelt niet zo gemakkelijk. Of misschien deden ze het ‘om mee te doen met de groep’ en zouden ze het alleen nooit gedaan hebben. Dat kan. Maar ook dan, hebben ze het wel gedaan.
We kunnen uit het verleden niets veranderen, helaas, maar we kunnen nog steeds invloed hebben op de toekomst. We kunnen kijken naar onze eigen jonge kinderen en met hen hierover in gesprek gaan. We kunnen met ze praten over wat zij in zo’n situatie zouden doen. Niemand moet de held uithangen, ook daar hebben we al veel voorbeelden van gezien die niet goed zijn afgelopen. Maar we moeten de juiste keuze maken. Een foto maken en op Facebook zetten? Of hulpdiensten bellen en verder doen wat we, onze veiligheid in acht nemend, kunnen doen. We hebben een keuze.
We kunnen onze kinderen sterk maken door ze te laten weten dat ze goed zijn zoals ze zijn. Door ze het onderscheid te leren tussen de wereld waarin de mensen, met filters en halve waarheden, proberen er zo goed mogelijk uit te zien en te komen. En de echte wereld waarin je accepteert dat er verschillen zijn en dat dat mag. Door (als je het echt wilt) drank en drugs te gebruiken waar ze voor bedoeld zijn, genot, en niet omdat je er niet meer zonder kunt. Onze kinderen doen wat wij doen. Wij zijn hun rolmodel. Wij moeten ze laten zien wat voor maatschappij we met elkaar willen zijn. Om nog een keer het woord te gebruiken: dat zou normaal zijn.